rooster >
Rooster - KUNSTACADEMIE HAARLEM
diverse info >
Diverse info - KUNSTACADEMIE HAARLEM
info vakopleiding >
Vakopleiding - KUNSTACADEMIE HAARLEM
k u n s t a c a d e m i e   h a a r l e m
Kunstvideo's - Kunstacademie Haarlem
EXPOSITIEWIJZER 'KUNST DEZE MAAND' | Overzicht van exposities en kunstevenementen in Nederland
INGEZONDEN berichten en advertenties beeldende kunst - Kunstacademie Haarlem
Kunstlinken Kunstacademie Haarlem
Syllabi - KUNSTACADEMIE HAARLEM
Leestafel Kunstacademie Haarlem - Kunst en cultuur in de krant
cursussen beeldende kunst
Syllabi - KUNSTACADEMIE HAARLEM
KLEURTHEORIE - Kunstacademie Haarlem
PERSPECTIEF - Kunstacademie Haarlem
CREATIVITEIT - Kunstacademie Haarlem
COMPOSITIELEER - Kunstacademie Haarlem
MARKTKENNIS VOOR BEELDEND KUNSTENAARS - Kunstacademie Haarlem
index syllabi
syllabi

syllabus door Heleen Makkinga  © 2007 Heleen Makkinga

1. inleiding >

2. de moraal van het verhaal >

3. plaatsbepaling in de markt >

4. beschrijving van de markt >

 

5. het benaderen van de markt >

6. het benaderen van de pers >

7. de belastingdienst >

8. slot en bronvermedling >

 

m a r k t k e n n i s

voor beeldend kunstenaars

1

inleiding

 

Veel startende kunstenaars weten niet goed hoe de markt voor hun werk er uitziet en hoe ze deze gestructureerd

kunnen benaderen en bewerken. Het doel van dit stuk is om een start te maken met het creëren van inzicht in

de markt. Hierbij komen onderwerpen aan bod als het opdrachtencircuit, expositiemogelijkheden en het benade-

ren van galeries, bedrijven, particulieren en de pers. Daarnaast wordt een aantal praktische zaken belicht, zoals

het verschil tussen een freelancer en een zelfstandig ondernemer en het afdragen van omzetbelasting.

 

Uiteraard is dit geen compleet verhaal en daarom verwijs ik aan het eind naar een aantal bronnen waar je meer te

weten kunt komen. Sommige informatie is aan verandering onderhevig. Zorg daarom dat je de ontwikkelingen zelf

in de gaten houdt, zoals bijvoorbeeld de discussie rondom de 6% BTW-regeling en andere belastingzaken.

4

beschrijving van de markt


De markt van een kunstenaar bestaat uit diverse doelgroepen. Ik bespreek hier kort de doelgroepen in twee verschil-

lende circuits: het expositiecircuit en het opdrachtencircuit.

 

 

Het expositiecircuit

 

Dit circuit bestaat uit verschillende doelgroepen en het biedt verschillende mogelijkheden om je werk te exposeren

en te verkopen:

 

Galeries
Een galerie regelt een aantal belangrijke zaken voor een kunstenaar: de expositie, de opening, de publiciteit en de

financiële afhandeling met de koper. In ruil hiervoor vraagt de galerie bemiddelingskosten (commissie), tegenwoor-

dig vaak 40 % of meer van het verkochte werk. Verder werkt het per galerie anders: vaak moet je ook een huur-

vergoeding betalen en soms moet je meebetalen aan de drukkosten van de uitnodigingen of aan de drankjes en

hapjes bij de opening. Inmiddels zijn er in Nederland meer dan 700 galeries. Op de site galeries.nl vind je een

overzicht.


Kunstuitleen
Bij de organisaties voor kunstuitleen kunnen particulieren en bedrijven tegen een vergoeding een kunstwerk huren

en kopen. Kunstenaars krijgen een vergoeding voor het ter beschikking stellen van hun werk en bij verkoop rekent

de kunstuitleen een vast percentage. De ca. 85 kunstuitleeninstellingen hebben zich verenigd in de Federatie Kunst-

uitleen (FKU).


Eigen atelier en website
Uiteraard kun je ook af en toe ‘open atelier’ houden in je eigen werkruimte (zo voorkom je bemiddelingskosten).

Zorg ervoor dat er veel (plaatselijke) publiciteit is en verstuur uitnodigingen. Ook kun je deelnemen aan een kunst-

route of er zelf een organiseren. Daarnaast verkopen steeds meer kunstenaars hun werk via internet. Een eigen

website brengt zijn geld toch vaak echt op. Onze academie biedt hiervoor een websitecursus. Ook kun je voor een

gratis variant kiezen door je bijvoorbeeld aan te sluiten bij een kunstenaarssite als exto.nl.


Kunstenaarsinitiatieven

Wanneer je het prettig vindt om in samenwerkingsverband te werken (zie ook het praktijkproject van onze opleiding),

dan kun je je aansluiten bij een kunstenaarsinitiatief. Vaak schrijft een kunstenaarsinitiatief zich in voor een project,

opdracht of groepsexpositie. Een dergelijk initiatief kan soms in aanmerking komen voor overheidssubsidie, bijvoor-

beeld  via de Mondriaanstichting.

 

Verenigingen

Kunstenaarsverenigingen zijn meestal stads- of regiogebonden en organiseren (groeps)exposities voor de eigen

leden. Men beschikt meestal over een eigen expositieruimte. De commissie die gehanteerd wordt is vaak wat lager

dan bij galeries, omdat er inkomsten binnenkomen via lidmaatschapsgelden en soms subsidie van de gemeente.

Voorbeelden van grote kunstverenigingen zijn Arti in Amsterdam, Pulchri in Den Haag en KZOD in Haarlem. Ook

kleinere plaatsten kunnen een kunstenaarsvereniging hebben, zoals bijvoorbeeld Instock in Oegstgeest en de

Kunstkring Bloemendaal.

 

 

Het opdrachtencircuit

 

Het inkomen van beeldend kunstenaars kan voor een belangrijk deel voortkomen uit het uitvoeren van opdrachten.

Deze opdrachten worden gegeven door verschillende doelgroepen: de overheid, het bedrijfsleven, particulieren en

tussenpersonen.
 

De overheid
De gemeentes en provincies zijn een belangrijke partij voor het verstrekken van opdrachten. Denk bijvoorbeeld

aan kunst in de openbare ruimte (scholen, bruggen, pleinen, rotondes e.d.), in overheidsgebouwen en bij non-

profitorganisaties. De Centra Beeldende Kunst (CBK's) voeren de zogenaamde percentageregeling uit. Deze

regeling betreft de afspraak dat 0,5 tot 2% van de kosten van de bouw van een overheidsinstelling aan kunst in

of aan het gebouw moet worden besteed. Elke grotere stad heeft wel een CBK, zoals bijvoorbeeld het CBK

Amsterdam. Soms is deze taak ondergebracht bij een andere organisatie zoals in Den Haag bij Stroom.


Het bedrijfsleven
Ook het bedrijfsleven is een interessante doelgroep. Denk hierbij niet alleen aan de verkoop van schilderijen,

beelden en installaties, maar ook aan muurschilderingen, relatiegeschenken en schilderworkshops voor mede-

werkers.


Particulieren
De doelgroep particulieren neemt nog steeds het grootste aandeel in beslag bij de opdrachten van beeldend

kunstenaars, zowel naar aantal als naar omzet gemeten. De particuliere markt bereik je het beste via exposities,

internet en mond-tot-mond reclame. Opdrachten van particulieren kunnen lastig zijn. Wat doe je bijvoorbeeld met

het verzoek om dat ene beeld dat ze van je gezien hebben exact na te maken, maar dan in een ander formaat?

En in hoeverre kun en wil je afwijken van je eigen stijl als je bijvoorbeeld verzocht wordt om een mooie zonsonder-

gang te schilderen, precies kleurend bij het bankstel? Lastige vragen waar iedere kunstenaar zijn eigen antwoord

op moet zien te vinden.


Tussenpersonen

Deze voor kunstenaars interessante doelgroep neemt een belangrijke plaats in binnen de beeldende kunst.

Tussenpersonen leggen verbanden tussen kunstenaars en bedrijven. Vaak hebben ze een groot bestand van

in hun ogen geschikt werk van kunstenaars. Daarmee informeren en adviseren zij bedrijven die kunst willen

aankopen of een opdracht willen verstrekken. Voorbeelden van tussenpersonen zijn Onderneming & Kunst

en Artolive.com.

5

het benaderen van de markt


Hierboven zijn aardig wat doelgroepen aan bod gekomen, die belangrijk kunnen zijn voor een beeldend kunstenaar.

Nu bespreek ik de werkwijze (en haken en ogen) met betrekking tot het benaderen van de belangrijkste doelgroepen.

 

 

Galeries: zelf benaderen of gevraagd worden?

 

In het algemeen kan gezegd worden dat het benaderen van een galerie een goede voorbereiding vereist. Voordat je

op een galeriehouder afstapt, moet je je verdiepen in het soort werk waarin de galerie zich gespecialiseerd heeft en

je afvragen of dit aansluit bij jouw werk.


Kleine galeries kun je vaak zelf benaderen via e-mail met foto’s of met een verwijzing naar je website. Bij de meer

gerenommeerde galeries geven de galeriehouders er meestal de voorkeur aan om door eigen onderzoek in contact

te komen met kunstenaars. Dit doen zij veel via het bekijken van websites, het bezoeken van kunstbeurzen, eind-

examenexposities en atelierbezoek. Daarnaast maken ze veel gebruik van hun netwerk: andere kunstenaars, galeries,

kunstenaarsinitiatieven en verenigingen. Hierbij moet je er van uitgaan dat een galerie ongeveer 10 exposities per jaar

organiseert. Er is dus niet veel speelruimte voor de galeriehouder. Meestal exposeren kunstenaars bij een vaste groep

galeries, per galerie ongeveer eenmaal per twee jaar. Toch zal een galeriehouder ook ruimte willen en moeten bieden

aan nieuwe kunstenaars. Daarom is het verstandig om zelf ook activiteiten te ondernemen.

 

Je moet altijd antwoord kunnen geven op de vraag waarom je specifiek bij deze galerie wilt exposeren:

 

-  Welke galeries zijn geschikt voor mijn werk qua ruimte, ligging en uitstraling?
-  Welke galeriehouders hebben een programmering dat aansluit bij de thematiek van mijn werk?
-  Wat is het prijsniveau van de kunstenaars die hun werk exposeren bij de betreffende galerie?

-  Welke klantenkring en welk publiek heeft de galerie?


Vervolgens kun je een lijst opstellen van galeries die bij de criteria aansluiten. Raadpleeg hiervoor de culturele

agenda’s van dag- en weekbladen. Ook is het handig om een galeriegids aan te schaffen. Galeriegidsen worden

jaarlijks aangepast. Daarnaast is het nuttig om goede contacten met mede-kunstenaars te onderhouden, advertenties

van galeries in tijdschriften in de gaten te houden en kunstbeurzen te bezoeken.  Wanneer je al deze informatie verza-

meld hebt, ben je beter voorbereid als je contact weet te leggen met een galerie en kun je bovendien je keuze goed

motiveren.

 

 

Bedrijven en overheid: zelf benaderen of via een tussenpersoon?

 

Netwerken is bij bedrijven heel belangrijk. Wellicht ken je mensen die bij een voor jou interessant bedrijf werken (zie

hier boven de paragraaf omschrijving van je eigen werk). Benader deze mensen eens en vraag ze wie de contactper-

soon is binnen hun organisatie voor wat betreft exposities en kunstaankopen. Dit werkt vaak erg goed.


Ook kun je een mailing versturen naar relevante bedrijven. Zowel TPG Post als de Kamer van Koophandel kunnen

tegen betaling adresstickers uitdraaien van bedrijven die je daar zelf hebt geselecteerd aan de hand van bepaalde

kenmerken. Bij de mailing kun je een professionele brochure van je werk toevoegen. Het is verstandig om er binnen

twee weken een follow-up aan te geven, door bijvoorbeeld via een telefonische belronde te checken of de brochure is

aangekomen bij de relevante medewerker en of er interesse is.


Vergeet daarnaast de tussenpersonen niet te benaderen. Deze organisaties zijn gespecialiseerd in het bemiddelen

tussen bedrijven en kunstenaars. Vaak kun je via internet meer te weten komen. Via de website kun je je aanmelden

en moet je foto’s van je werk in JPG-formaat mailen. Vervolgens bekijken ze of het voldoende interessant vinden voor

hun doelgroep. Je werk mag je daarnaast ook gewoon exposeren, maar wanneer een van hun klanten geïnteresseerd

is in jouw werk, moet het wel op korte termijn beschikbaar zijn. Vervoer e.d. wordt dan geregeld door de tussenpersoon,

uiteraard tegen een vergoeding (commissie).


Bij de overheid werkt het vaak net weer anders. Adviseurs van een organisatie zoals een Centrum voor Beeldende

Kunst kunnen door middel van advertenties en het gericht opvragen van documentatiemateriaal bij het CBK tot het

verstrekken van een opdracht komen Hierbij is het van belang om lid te worden van het blad BK Informatie. Hierin

worden vaak door overheidsinstanties opdrachten geplaatst, waar je als kunstenaar op in kunt schrijven (veel beel-

den, minder schilderijen).
 

 

Particulieren

 

De particuliere markt is de grootste en meest wijdvertakte doelgroep van een beeldend kunstenaar. Particulieren

bereik je via exposities, internet en vooral via mond-tot-mond reclame. Aangezien ik deze marktbenaderingen al

elders bespreek, ga ik er op deze plek niet verder op in.
 

 

Centra voor Beeldende Kunst (CBK)

 

De Centra voor Beeldende Kunst fungeren lokaal of regionaal als aanspreekpunt voor kunstenaars, opdrachtgevers

en publiek. Naast de kunstuitleen bieden zij nog andere diensten en ontwikkelen ze kunstprojecten. De meeste centra

hebben een eigen website. Een aantal grotere samenwerkende CBK’s zijn te vinden op de site van kunstenaars.nu.

Belangrijk detail: voor elk CBK moet je een ballotageprocedure doorlopen. Wanneer je in Zuid-Holland woont, val je

onder Het Kunstgebouw in Rijswijk. Hier kun je een inschrijfpakket aanvragen, dat je dan ingevuld en ondersteund

door fotomateriaal kunt terugsturen. Na verloop van tijd krijg je schriftelijk bericht of je toegelaten bent.

 

 

Kunstenaarsinitiatieven en verenigingen: balloteren is ook een kunst.

 

Net als bij een CBK moet je meestal ook bij kunstenaarsinitiatieven en kunstenaarsverenigingen geballoteerd worden.

Dit gaat vaak eerst schriftelijk: je stuurt je motivatie, C.V. en fotomateriaal op. Vervolgens word je al dan niet uitgenodigd

om met je werk langs te komen. Dit werk moet je soms een dag of langer achterlaten en vervolgens weer ophalen.

Meestal kun je er zelf niets bij vertellen en kan over de uitslag (meestal schriftelijk) niet gediscussieerd of gecorrespon-

deerd worden. Soms komt het voor dat een ballotagecommissie bij jou in het atelier langs komt. Mocht je afgewezen

worden, dan kun je het veelal na een jaar of anderhalf jaar opnieuw proberen.

6

het benaderen van de pers


Wanneer je een expositie hebt, of ander nieuws dat belangrijk kan zijn voor publiek (bijvoorbeeld de opening van

een nieuw atelier, een nieuwe werkwijze of product, nieuwe activiteiten), dan is het nuttig om de media hier van op

de hoogte te stellen. Hieronder vallen kranten, tijdschriften, kabelkranten, radio, televisie en relevante websites.

Voordat je contact opneemt is het belangrijk te weten wat je precies te melden hebt, wat daar de nieuwswaarde

van is en wat je werk of jouw persoon in zich heeft om een redactielid te bewegen om actie te ondernemen. Zorg

dus dat je de boodschap aantrekkelijk maakt voor de desbetreffende doelgroep.


Vervolgens is het verstandig om vooraf te informeren wie de specialist is binnen de redactie die over dit onderwerp

gaat. Wanneer je contact opneemt, kun je de persoon in kwestie uitnodigen om langs te komen. Vaak is het handig

om dan meteen een persbericht te versturen en te informeren of je nog aanvullend beeldmateriaal e.d. kan mee-

sturen. Hieronder volgen wat handige tips om een persbericht op te stellen.

 

Het schrijven van een persbericht
 

De vorm

Hanteer vaste richtlijnen bij het schrijven van een dergelijk artikel. Zet er altijd boven: ‘Persbericht’, gevolgd door

je naam, adres, telefoonnummer en datum van verzending. Vervolgens schrijf je een bondige kop, bijvoorbeeld:

‘Wethouder opent expositie in gemeentehuis Haarlem’. Hierna volgt de tekst, ongeveer een half A4-tje (niet te

lang!). Onderaan het bericht voeg je een ‘noot aan de redactie’ toe met je emailadres en eventueel je website

voor meer informatie.
 

De tekst

De tekst kun je het beste onderverdelen in drie stukken: de inleiding, het midden en einde. De inleiding moet het

wie, wat, waar en wanneer vermelden. Het middenstuk kan gaan over het hoe en waarom. Het einde kun je benut-

ten voor praktische zaken, korte nadere informatie, je bereikbaarheid etc.


De stijl

Uiteraard is het zinvol om de stijl van je tekst aan te passen aan het lezerspubliek waar het voor bedoeld is.

In het algemeen zijn de volgende tips van toepassing:

-  Probeer zoveel mogelijk in de tegenwoordige tijd te schrijven; dit geeft meer vaart aan het geheel.

-  Gebruik redelijk korte zinnen, geen vreemde woorden en pas op voor stopwoorden.

-  Hou de tekst zakelijk en hanteer absoluut geen wollig taalgebruik.


Het is goed om de volgende dag nog eens opnieuw naar de tekst te kijken. Kromme zinnen en spelfouten vallen

dan beter op. En laat het vooral ook door iemand anders lezen om blinde vlekken te voorkomen.

 

In het kader van de vakopleiding heeft onze academie in het verleden korte schrijfcursussen georganiseerd o.l.v.

professionele schrijvers.

8

slot en bronvermelding


Er is nu veel informatie gegeven die van nut kan zijn bij je eerste schreden op de markt voor de beeldend kunstenaars.

Tegelijkertijd besef ik dat hoe meer kennis je opdoet, des te meer nieuwe vragen dit ook weer oproept. Ik heb absoluut

niet de antwoorden op al deze vragen. Maar gelukkig kan ik zeggen dat een echte ondernemer zich kenmerkt door het

pro-actief benaderen van zijn doel, waarbij hij een hanteerbaar risico zeker niet zal schuwen.

 

Kortom: zoek zelf ook dingen uit. Wanneer je nuttige aanvullingen hebt op deze handleiding, hoor ik dat graag.

 

Tot slot vermeld ik hieronder een aantal bronnen die ik gebruikt heb voor het samenstellen van dit stuk; wellicht ook

handig voor jou als lezer.  Ik wens je ontzettend veel succes bij het opstarten of verder uitbouwen van je kunstenaars-onderneming!


------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

 

Bronvermelding

Kunstenaars&CO, Nieuwe Herengracht 119, 1011 SB Amsterdam

De kunstenaarslijn van Kunstenaars&CO: 0900-5352599 (10 cent p/m)

www.kunstenaarsenco.nl


De Belastingdienst

Handboek ondernemen, de gids voor de startende en kleine ondernemer over belastingen

en werknemersverzekeringen (gratis af te halen bij elk belastingkantoor)

www.belastingdienst.nl
 

Het blad BK-informatie, tijdschrift voor beeldend kunstenaars (verschijnt 8 keer per jaar)

www.bk-info.nl


Overige websites

www.beroepkunstenaar.nl
www.galeries.nl
www.fnv-kiem.nl
www.kunstgebouw.nl
www.onk.nl
www.artolive.com
www.kunstenaars.nu
www.kvk.nl

 

Zie meer linken op de Linkenpagina van deze academie-site

 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

 

Heleen Makkinga
docent Kunstacademie Leiden
www.heleenmakkinga.exto.nl
april 2007

3

benoeming en plaatsbepaling van je werk in de markt


Omschrijving van je werk

 

Het is belangrijk, je werk kort en zakelijk te kunnen beschrijven. Welke stijl heeft het en behoort het tot een stroming?

Wat is de thematiek van je werk en waarin onderscheidt het zich? Welke afmetingen heeft het en welke materialen

gebruik je? Welke eisen stel je aan de presentatie van je werk en hoe is het gedocumenteerd?


Je kunt dit eens voor jezelf opschrijven (maximaal een half A4-tje) en het door een kritische (on)bekende laten lezen.

Het is essentieel om de genoemde vragen t.a.v. je eigen werk te kunnen beantwoorden. Alleen dan kun je bepalen

welke de doelgroepen voor je werk kunnen zijn. Wanneer je de groepen voor jezelf gaat bepalen is het belangrijk, zo

concreet mogelijk te zijn. Bijvoorbeeld: je maakt schilderijen in groot formaat met als onderwerp ‘verbinding en

communicatie’. Dan kun je als doelgroep het bedrijfsleven bedenken, maar specifieker kun je bedrijven als KPN,

Vodafone en Casema benaderen. Ook kun je het thema iets abstracter zien en vervolgens PR-organisaties, kran-

ten en reclamebureaus op je lijst zetten.

 

Prijsstelling
 

De factoren die de prijs van een werk bepalen zijn complex en soms persoonlijk. Hieronder geef ik wat richtlijnen

die houvast kunnen bieden.
 

•  Bepaal de kostprijs van je werk. Denk hierbij niet alleen aan materiaalkosten, maar bereken ook je tijd en

    beroepskosten als de huur van je atelier, transportkosten, aanschaf relevante literatuur of andere onderzoeks-

    kosten.


•  Daarna bepaal je wat je er zelf aan wilt verdienen, je ‘salaris’. Het is gebruikelijk om minimaal 30 procent van

    de kostprijs te berekenen. Dit kan de prijs van een werk echter sterk doen oplopen als je hoge vaste lasten

    hebt en een lage productie. De haalbaarheid van een verkoopprijs is uiteindelijk sterk afhankelijk van de

    vraag naar je werk en van je naamsbekendheid.
 

Bij dit alles kun je ook uitgaan van het vergelijkingsprincipe. Bezoek regelmatig exposities van kunstenaars met

een vergelijkbaar werk- of ervaringsniveau en kijk naar de prijzen. Zo bepaal je een redelijke prijs.

 

Vervolgens kun je overwegen om een prijslijst voor jezelf vast te stellen, waarbij je rekening houdt met bijvoorbeeld

afmetingen, technieken en materialen. Ook kun je een minimum- en een maximumprijs per onderdeel hanteren.

Bijvoorbeeld bij schilderijen:

Wanneer je via een galerie verkoopt, moet je rekening houden met de commissie van de galerie (tegenwoordig vaak

40 tot 60%). Een galeriehouder zal bovendien invloed willen hebben op de vaststelling van de verkoopprijs; hij/zij kent

de waarde van het kunstwerk in relatie tot zijn klanten.


Denk tevens na over de problematiek van elke kunstenaar: zijn mijn verkoopprijzen via een galerie hoger dan wanneer

een klant rechtstreeks bij mij koopt (vanwege de commissie)? Is dit wel logisch? En wat vindt de galeriehouder hiervan?

Dit zal iedere kunstenaar voor zichzelf moeten bepalen.

  - acryl:

  - olieverf:

  - gem. techn.:

€ …..  tot  € …..
€ …..  tot  € …..
€ …..  tot  € ….

- op doek :

  - acryl:

  - olieverf:

  - gem. techn.:

€ …..  tot  € …..
€ …..  tot  € …..
€ …..  tot  € ….

- op papier :

afmeting 40 x 50 cm:

  - acryl / olie / gemengde technieken

- op doek :

  - etc.

- op papier :

afmeting 60 x 80 cm:

.

2

de moraal van het verhaal

 

Hopelijk werkt deze syllabus als een waardevol onderdeel van je opleiding aan onze academie. Hoewel in het onder-

staande de aandacht naar het zakelijke gaat, heeft dit alléén zin als jouw aandacht voor de kunstzinnige kwaliteit van

je werk voorop blijft staan. Deze syllabus zou bij verkeerde lezing kunnen suggereren dat het goed is om hoe dan ook

je werk te verkopen, maar de verantwoordelijkheid van een kunstenaar gaat natuurlijk verder dan dat. Het is fijn als

een koper iets leuk of mooi vindt, maar het is niet goed als hij/zij daarvoor een prijs betaalt die bij kunst hoort als het

werk die naam niet voldoende waarmaakt. Onze kunstopleiding is erop gericht dat je weet waarover je het hebt als

je kunst op de markt brengt. Voor de koper ben jij de deskundige waarop hij/zij moet kunnen vertrouwen. Je 'core bus-

siness' is de ontwikkeling van kunst. Wie daar serieus mee bezig is, kan het 'te gelde maken' er vanzelf achteraan

laten komen. Wie te haastig is en het omdraait ontneemt zichzelf de kans op een echte carrière.

Syllabi - KUNSTACADEMIE HAARLEM
KLEURTHEORIE - Kunstacademie Haarlem
PERSPECTIEF - Kunstacademie Haarlem
CREATIVITEIT - Kunstacademie Haarlem
COMPOSITIELEER - Kunstacademie Haarlem
MARKTKENNIS VOOR BEELDEND KUNSTENAARS - Kunstacademie Haarlem
index syllabi

7

leuker kunnen we het niet maken: de kunstenaar en de belastingdienst
 

Allereerst is het handig om te weten dat een aantal belastingkantoren (met name in de grote steden) controleurs

in dienst hebben die alle kunstenaars in hun gebied ‘in portefeuille’ hebben. Wanneer je contact opneemt met zo’n

ambtenaar, kun je vragen om een informatief gesprek. Tijdens zo’n gesprek, soms gewoon bij jou thuis, kan de

controleur je vrijblijvend alle relevante zaken melden die je nodig hebt om te beslissen of het nodig is om een BTW-

nummer aan te vragen en wanneer je nu als freelancer of als zelfstandig ondernemer aangemerkt wordt.

Sinds kort dienen ook 'vrije beroepsbeoefenaren' zoals kunstenaars zich in te schrijven bij de Kamer van Koophandel.

Hieronder zal ik de belangrijkste zaken behandelen. Voor meer informatie kun je uiteraard contact opnemen met de

belastingdienst zelf.
 

 

Omzetbelasting
 

 

Als je inkomsten hebt waar je BTW over moet betalen, zul je een BTW-nummer moeten aanvragen. Dit houdt

tevens in dat je een ‘deugdelijke’ administratie moet gaan voeren.


Het BTW tarief bij verkoop van kunst is normaal gesproken lager dan het reguliere tarief, namelijk 6%. Hier zijn echter

een aantal uitzonderingen op: decors vallen onder de 19% regeling, evenals toegepaste kunst (bijv. op T-shirts) en

als je meer dan acht afgietsels maakt van hetzelfde beeld moet je ook 19% factureren. Kortom, wanneer je iets anders

dan regulier werk gaat verrichten, is het nuttig om eerst uit te zoeken welk BTW tarief je moet berekenen. Een keer per

kwartaal moet je per computer je aangifte voor de omzetbelasting doen. Hierbij geef je de BTW over je inkomsten van

dat kwartaal op en mag je de BTW van je gemaakte kosten er weer vanaf trekken (de zgn. voorbelasting); denk daarbij

aan de door jou betaalde BTW van materiaalkosten, atelierhuur, PR-kosten, etc. Het verschil kan negatief zijn en dan

krijg je dat bedrag terugbetaald. Als je een geringe omzet hebt, kan je toestemming krijgen om niet elk kwartaal, maar

één maal per jaar aangifte te doen.


De KOR-regeling
Wanneer je nog géén erg hoge omzet hebt, kun je aan het einde van het jaar in aanmerking komen voor de Kleine

Ondernemers Regeling (KOR). Op dit moment geldt, dat als je verschuldigde BTW minus je voorbelasting lager is dan

€ 1.883,-, je al onder deze regeling valt en je dus (een gedeelte van) je afgedragen BTW terug kunt krijgen van de

belastingdienst.

 

 

Zelfstandig ondernemer of freelancer

 

Wanneer je door de belastingdienst als zelfstandig ondernemer wordt aangemerkt, kom je de eerste paar jaar in

aanmerking voor de startersaftrek (naast de reguliere zelfstandigenaftrek), hetgeen kan betekenen dat je dan nog

geen inkomstenbelasting hoeft af te dragen. Je moet wel aan een aantal voorwaarden voldoen om als zelfstandig

ondernemer gezien te worden:


-  Je moet minimaal 1225 uur per jaar besteden aan je bedrijf.
-  Je moet minimaal drie verschillende opdrachtgevers per jaar hebben.
-  Je netto winst moet een redelijke omvang hebben. Hoe meer winst je maakt, hoe sneller je in aanmerking

    komt, maar soms maak je de eerste tijd verlies en kun je toch als zelfstandig ondernemer gezien worden.

-  Je presentatie naar de buitenwereld moet een professionele indruk maken. Heb je brochures, visitekaartjes,

    een website en ander PR-materiaal?

-  Je moet een deugdelijke administratie voeren (zie hieronder).


Als je nog niet aan deze criteria voldoet, wordt je gezien als freelancer. Dat betekent dat je wel omzet moet opgeven,

maar niet in aanmerking komt voor de zelfstandigenaftrek (en dus inkomstenbelasting moet betalen).
 

 

De administratie

 

Je bent in bovenstaande gevallen verplicht om een ‘deugdelijke’ administratie te voeren en te bewaren (in ieder geval

7 jaar). Denk hierbij aan kopieën van facturen, inkoopbonnen, boekhouding, kopie aangifte inkomstenbelasting en

omzetbelasting en giro-bankafschriften. Wat betreft dit laatste is het al snel handiger om een aparte rekening voor je

onderneming te openen.


Administratie t.a.v. de omzetbelasting
Voor de omzetbelasting geldt dat je een computerprogramma of een boekhoudschrift moet bijhouden met aan

de linkerzijde de ontvangsten en aan de rechterzijde de uitgaven. Hierbij splits je de totalen in een tabel ‘omzet excl.

BTW’, een tabel ‘6% BTW’ en eventueel een tabel ‘19% BTW’. Per kwartaal tel je alles bij elkaar op en begin je op

een volgende pagina.

 

Facturering
Je moet kopieën van je facturen bewaren. Op de facturen moet een (logisch doorlopend) factuurnummer vermeld

staan. Verder een factuurdatum, een orderdatum, naam en adres van de opdrachtgever èn zijn BTW-nummer, je

eigen BTW-nummer, een omschrijving van de geleverde diensten of goederen, een bedrag exclusief BTW, het

bedrag aan BTW en een totaalbedrag.


Urenregistratie
Wanneer je in aanmerking wilt komen voor de zelfstandigenaftrek moet je een urenregistratie bijhouden. In een

agenda vermeld je dan per dag het aantal uren dat je gewerkt hebt voor je onderneming en welke activiteiten

je verricht hebt. Aan het einde van het jaar moeten dit minimaal 1225 uur zijn.


Verlies- en winstrekening
Aan het einde van het jaar moet je een balans opmaken. Alle bedragen die je hier hanteert dienen exclusief BTW

te zijn. Onder winst vallen de opbrengsten van je verkopen, eventuele subsidies, het bedrag van de KOR-regeling

en andere fiscale terugbetalingen. Ook de waarde van je "voorraad gereed product" moet je hier bij optellen.

Vervolgens kun je alle zakelijk gemaakte kosten aftrekken. Dit zijn de kosten voor materialen, werkkleding, vaklite-

ratuur, kilometerkosten (dan moet je wel een rittenregistratie bijhouden, gesplitst in zakelijk en privé), telefoon,

atelierhuur, administratie en afschrijvingen van inventaris (zoals gereedschappen en computer, hier geldt een aparte

regeling voor). Uiteindelijk wordt dan duidelijk wat je winst of verlies van dat jaar is. Deze verlies- en winstrekening

heb je nodig voor je aangifte voor inkomstenbelasting.
 

 

VAR-verklaring

 

Wanneer je voor wat langere tijd werkzaamheden verricht voor een opdrachtgever (bedrijf) wordt je soms verzocht om

een Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) te overhandigen. Een dergelijke verklaring geeft duidelijkheid over wie er verant-

woordelijk is voor de betaling van belasting en premies. Een opdrachtgever vraagt dit aan je om later problemen te

voorkomen m.b.t. het juridische vraagstuk of je eigenlijk niet als werknemer van zijn bedrijf gezien had moeten worden.

Wanneer je een VAR-verklaring ondertekent, doe je wel automatisch afstand van de mogelijkheid om een uitkering

aan te vragen. Dit geldt voor de periode waarin de verklaring geldt, te weten een jaar. Er zijn verschillende soorten VAR-

verklaringen. Wanneer je er een nodig hebt, kun je het formulier ‘Aanvraag Verklaring Arbeidsrelatie’ downloaden bij de

belastingdienst. Het duurt ongeveer zes weken voordat je een reactie krijgt.

Kunstrai (Art Amsterdam)

(klik)

Kunstuitleen

(klik)

Onderneming & Kunst,

Amsterdam (klik)

Gratis Pagina's voor kunstenaars(klik)

Onderdeel van de academie-

website (klik)

Gratis pagina's voor

kunstenaars bij Saatchi

met 1,7 miljoen bezoe-

kers per dag (klik)

Advies en praktische infor-

matie over het kunstvak

(klik)

Kunstlijn Haarlem (klik)

(klik)

(klik)